Alle teksten en foto’s zijn gemaakt door de deelnemers, waarvoor dank!

2018


Voor wie nog niet weet wat Splitfest is: Splitfest is het beste.

De mensen zijn het beste.

Het avontuur is het beste.

De champagne is het beste.

En splitboarden is natuurlijk het beste.

Dit jaar, op dag 0, sliepen de meesten van ons in het Zentrum Haus Davos. In het roddeltopic ging het gerucht dat we de eerste dag 1500 hoogtemeters moesten lopen, en dan slaap je maar liever dicht bij je startpunt. Ook is het een mooie kans voor een kleine pre-party met pizza en champagne.

Ik ben blij dat we de volgende dag niet echt 1500 hoogtemeters hoeven...

Na de broodnodige koffie en het verwelkomen van een auto vol skiers (en Charl) vertrekken we, niet al te vroeg, vanuit Sankt Antoniën. De route naar Berghaus Sulzfluh loopt heel gemoedelijk, over de weg, langs een beekje. Er zit dikke rijp op de bomen, een waterig zonnetje komt door de wolken en het Splitfest is begonnen!

Vanuit Sulzfluh gaan er twee groepjes direct touren terwijl de derde groep eerst wat gaat eten. Een deel van ons is gewoon niet zo fanatiek, een deel weet dat er die middag bezoek komt. We hebben de rösti nog niet op, of Ivar en Gina komen binnen met Ben (van Konvoi Snowboards) en een stapel noboards!

Aan het lijstje van dingen die ‘het beste’ zijn, moet ik noboarden vanaf nu toevoegen. Elke meter, elke bocht voelt als een overwinning! Iedereen die crasht (en iedereen crasht, de hele tijd) komt met een gelukzalige grijns weer overeind. Met zo’n 30cm pof maakt het ook allemaal niet uit.

Waar de bootpack in eerste instantie maar 25m omhoog gaat, zetten we hem al snel verder door. De runs worden langer, de crashes minder frequent, en de beentjes worden moe. Gelukkig komt een van de tourende groepjes langs en willen zij het ook wel eens proberen. Een mooi excuus om even te pauzeren. 

De pauze komt alleen te laat, na nog 10 keer ‘de laatste keer’ zijn m'n benen écht op. Gelukkig zijn ze sinds 19 februari ook gewoon te koop! 

Hoewel we de hele middag niks serieus gedaan hebben, ben ik na afloop wel serieus moe. Ik niet alleen trouwens. De hottub van haus Sulzfluh zit al snel vol met champagne drinkende laaglanders. Bubbels in de bubbels smaken nog beter.

 

De volgende ochtend voelt een beetje tegennatuurlijk; afdalen over een harde weg, met de auto naar een bus en met die bus naar een skigebied. Gelukkig is het allemaal onderdeel van een groter plan. We zijn inmiddels in de Fideriser Heuberg waar die middag in kleine groepjes getourd wordt. Wij (Willem NL, Marije, Floris, Jasper en Hayo) hebben de Drei Märchenspitze op het oog. Een belachelijk plan want de afdaling is niet bijzonder interessant, maar het snow safety groepje van Willem, Floris en Marije heeft nog een appeltje te schillen met deze spitze.

De eerste honderden meters lopen we over de piste omhoog. Als we het skigebied achter ons laten, stuiten we direct op grote plakken gleitschnee. Ze liggen er nog net zo bij als tijdens snow safety een paar dagen eerder, maar ze zijn wel brokkig en groot. We komen er langzaam over- en omheen, en dan staan we tussen de Drei Märchenspitze en de Chistenstein. Met oog op de tijd besluiten we de noord-afdaling (ons oorspronkelijke plan) te laten voor wat het is. Het is veel ombouwen en veel omlopen, dat wordt ons te krap. In plaats daarvan dalen we af aan de zuidzijde en lopen naar de Zenji, waar Gina, Thatcher en Martijn als het goed is al een mooi spoor voor ons hebben gezet. Maar eerst: champagne!

 

Het beloofde spoor staat er en brengt ons soepel omhoog, afgezien van de laatste paar meters. Daar maakt een steile, kaalgeblazen traverse het avontuur van vandaag compleet. Alhoewel, we hebben nog geen poeder gereden! Het loopt tegen 17:00 en het licht wordt vlakker. Hayo rijdt als eerste een stuk naar beneden om wat mooie plaatjes te schieten, en laat ons direct even zien hoe de sneeuw er bij ligt. Na 10 shark infested meters is het smooth sailing. Tevreden staan we even later weer in het skigebied. Het was geen lange afdaling, maar hij was wel heerlijk. De kaasfondue die er op volgde trouwens ook.

De volgende ochtend is het ineens al dag drie! En hoe paste al deze spullen ook al weer in mijn rugzak? En hoe kan Ivar zo’n klein rugzakje hebben? Ik vraag me dit nog steeds af als we even later met 19 splitboarders (onze skiërs hebben splitboard-soul) achter elkaar de Arflinafurga oplopen.

De afdaling richting Langwies begint met een zuid georiënteerde weide waar de sneeuw verrassend goed is! Een mooi begin van de dag maar wanneer we iets lager komen, is de sneeuw meer verspoord en opgevroren. De lol is er snel af als Thatcher na een val met een blauw oog en een paar nare krassen zit. De rest van de route voelt dan ook meer als ‘onderweg’ dan als ‘afdalen’.

Na een pittoreske treinreis van Langwies naar Arosa gaat het avontuur weer verder. Aan de rand van het dorp steken we de loipe over, en dan wordt het snel stil. Het dorp verdwijnt uit zicht en je loopt al snel alleen doordat ieder zijn eigen tempo oppakt. De dichte bewolking en voorzichtige sneeuwval maken de stilte compleet.

Met 680 hoogtemeters over 6,2km is ook dit een soepele wandeling. Alleen aan het eind van het dal is een klein klimmetje naar de Ramozhütte. Willem NL waarschuwt over de porto voor de laatste paar meters; niet proberen, gewoon bootpacken. We proberen het toch, maar moeten Willem na een paar minuten gelijk geven.

Eenmaal boven is de champagne al open en al snel komt er ook wat sterkers op tafel. Willem BE spant ook dit jaar de kroon met zijn eigen brouwsel, waarvan ik het geheime ingrediënt niet durf te verklappen. Jasper heeft kaas en vijgen mee naar boven gesjouwd, en het culinaire feest is compleet wanneer we alle vriesdroogmaaltijden tevoorschijn halen en gaan vergelijken. Conclusie: Adventure Food is maar matig, de Real Turmat is drie keer zo duur, maar ook drie keer zo lekker.

Na nog een paar intensieve potjes Kleine IJsbeer memory krijgt de avond een serieuzere wending: de plannen voor morgen. Qua zicht zal het morgen niet beter zijn dan vandaag, en zonder zicht is er rondom deze hut niet veel te halen. Van Ivars oorspronkelijke plan voor dit Splitfest is toch al weinig meer over, dus overleggen we alle opties. Julia heeft een prachtige oplossing; we kunnen met z’n allen komen logeren bij haar familie! In gedachten tellen we de slaapzakken en luchtbedjes uit alle autos om te kijken of dat past (het past!) en niet veel later liggen we schouder aan schouder in het lager.

Het was knus die nacht, maar door al het gesnurk, gehoest en de lamp die uit zichzelf steeds aan en uit ging, heb ik die ochtend niet bijzonder veel zin. Gelukkig heeft Willem BE voor de hele groep zakjes vogelvoer, a.k.a. ‘the breakfast of champions’. Voeg heet water toe et voilà: een voedzaam ontbijt met optimale calorie/gewicht balans, wat ook nog verrassend lekker is.

 

We proberen naar het Erzhornsattel te komen, om zo een dal noordelijker af te dalen dan dat we gestegen zijn. Het zicht lijkt eerst voldoende, maar valt toch tegen. We zien te weinig om door een onbekend dal af te dalen. We volgen daarom, een beetje teleurgesteld, ons stijgspoor terug naar Arosa. Vanuit Arosa brengt de Rhätische Bahn ons via Chur naar Schiers, waar we de bus nemen die ons herenigt met de auto’s.

 

Sommige dingen moeten geheim blijven. Het niet-vegetarische ingrediënt van Willem BE’s drankje en de laatste bestemming van Splitfest 2018 zijn van die dingen. Toch moet ik er over vertellen, want het was een bijzondere afsluiting.

Wanneer we aankomen op ons logeeradres maakt het toeristentreintje juist zijn stop. Tientallen mensen staan foto’s te maken terwijl wij, ongewassen, in snowboardkleding en met enorme duffels door een poort naar binnen lopen. Achter de poort bevindt zich het huis uit 1300, met een later aangebouwde toren in middeleeuwse stijl. Van alle plekken waar we deze trip champagne hebben dronken, lijkt deze het meest passend. Gelukkig is het huis van binnen heel gewoon en we rollen met een gerust hart onze matjes uit.

Die avond krijgen we wéér bezoek dat wéér boards bij zich heeft! Thomas sluit aan voor het laatste stukje Splitfest en heeft de prijzen van de fotowedstrijd bij zich. Waaaat een mooie planken. Met dit soort prijzen moet ik misschien toch ook eens foto’s gaan maken…

De laatste dag wordt een korte. Het is inmiddels maandag en morgen veranderen de meeste splitboarders terug in kantoorpersoneel. We laten onze laatste fles champagne achter als bedankje voor onze gastheer- en vrouw en rijden al vroeg naar een skigebiedje in de buurt. Hier maken we goed gebruik van de local knowledge van Julia. Het sneeuwt en het zicht is nog steeds beroerd, maar tussen de bomen komen we prima omhoog. Elke hoogtemeter die we stijgen, stijgt de stoke mee; dit zou wel eens tof kunnen worden. De eerste bochten die gezet worden laten het al meteen zien: dit is goud! Ik weet niet hoe veel cm er inmiddels lag, maar ik heb de bodem die run niet gevoeld.

Het was los en koud en zonder twijfel de beste afdaling van de trip. Enige twijfel als we weer beneden staan: nog een keer, of de auto in? NOG EEN KEER!

Maar waar ik al twee weken bang voor ben, gebeurt op die laatste klim: m’n vellen, die eigenlijk op een ander board horen en daarom geen tailclips hebben, plakken niet meer. Ik keer om en kom via een mooie treerun weer bij de parkeerplaats. Een heel klein beetje teleurgesteld, maar vooral heel content zit ik even later achter een glühmost.

Inmiddels is het twee weken later en zit ik achter een computer in plaats van glühmost. Maar dankzij alle fotos, filmpjes en epische herinneringen ben ik nog altijd heel content. Splitfest is écht het beste. 

tekst: Willemien

 


2017


“Ik zie jullie allemaal vrijdag op deze parkeerplaats” Is de laatste zin van de email. Bijgevoegd bestandje: een google earth foto van een parkeerplaatsje bij een gehucht van een slordige tien huisjes in de vallei van Arolla. Ik ben meteen een uur zoet met die google earth map, kijken naar interessante hellingen. De zwitserse topokaarten erbij met skitourenroutes. Ik zie een aantal interessante westhellingen. Ik zie wat mellow niet al te hoge noordhellinkjes. Zou er genoeg sneeuw zijn voor die lijnen? Ik zie wat bos. Ik zie een groot aantal gletschers. “Als je geen ervaring hebt, blijf dan gewoon weg van de grote boze gletschers” zei Ivar in zijn email nog. Ik heb nul ervaring met ijs, dus ik blijf daar wel weg ja. 

Als ik de parkeerplaats opdraai staat er één zwitserse auto, met twee tourskieërs erin, die snel het stijgpad op verdwijnen. Even vraag ik me af of ik wel de goede parkeerplaats op ben gereden, maar in dit smalle dal, welk andere zou het geweest moeten zijn? Maar dan verschijnen er al snel een, twee, vijf nederlandse auto’s. Vol met meerendeels al bekende splitfest gangers. Een gestage stroom aan nederlandse nummerborden volgt. Er word gezwaaid, gelachen, gegroet, een poging gedaan tot snel een kop koffie zetten en wat met kaarten gezwaaid. Een hele grote pick up komt aanbrullen. Das Boot is gearriveerd! En dan als laatste Ivar, bijna met piepende banden de bocht om in zijn nieuwe poederbus. Hij begint gelijk met het uitdelen van het testmateriaal. 

Er komt zowaar orde in de chaos aan splitboards, stokken, delen van bindingen, rugzakken en lunchvoorraden die op de parkeerplaats zijn uitgespreid. Onbekende energiedrankjes worden uitgedeeld. Ivar stelt voor dat we gewoon lekker met zijn allen naar de hut op 2820 meter lopen, en raadt ons aan ook goed om ons heen te kijken, de sneeuwsituatie is wat raar, die oude laag zit echt nog geniepig in de weg, voel, proef, kijk en geniet, morgen zien we dan weer verder. Twintig man in de piepercheck (dat duurt lang!) en dan hop, het stijgpad op. 

Als je het besneeuwde bos door bent en de eerste knobbel over, dan zie je de hut tussen de wolkenflarden al liggen. Dat is verneukeratief! Het doel al in zicht maar nog goed de helft van het aantal hoogtemeters te gaan. Om de zoveel stappen kijk ik op om te zien of die hut nu al dichterbij is gekomen. Tjeesus wat ben ik in slechte conditie. Dat ging vorig poederalert toch beter? Ow ja, die tourtjes begonnen op 900 meter, en eindigden op 1600. Hier begon ik al op 2000. Of zo. Ik weet het niet precies. Mijn adem piept een beetje. Waarom ben ik nou gvd altijd zo langzaam? Waarom is iedereen zo snel? Gewoon doorstappen. Hoe smaakt dat energiedrankje eigenlijk? Mwoa. Nep perzik. Is die hut nou nog niet dichterbij gekomen? Doorstappen! 

De laatste splitboarders die boven komen worden ontvangen met gejuich en inmiddels ernstig verwaterde enrgieperziksneeuwbrouwsel met de laatste drupjes strohrum en hoe laat is het eigenlijk? Moeten we niet eens gaan boarden? Een heel stel gaan nog een paar honderd hoogtemeters verder, een groep van tien die al snel in tweeën wordt gedeeld gaat naar beneden. De eerste bochten zijn lekkere poeder, maar al rond de 2300 m komt er een smeltkorst op, die lager zelfs al drie centimeter dik blijkt te zijn. De enige twee skieërs lijden. De boarders lijden ook, maar het ziet er iets beter uit. Hoe het onze monoskieër verging heb ik niet kunnen zien, maar ook hij zal geleden hebben. 

Dat is potverdorie niet best, op een oosthelling al een smeltkorst op 2300 meter. De westhellingen die ik had gezien liggen er ook niet goed bij. Die kan ik vergeten. We zullen het echt op noord moeten zoeken morgen, in de schaduw, en hoog. In het zwartste deel van de lawineroos. 

De hele groep is gelegerd in hotel De La Tza, ook zo’n hotel uit de vorige eeuw waar al heel lang dezelfde familie inzit. Waar de vloeren scheef zijn en rare oude beelden in de gang staan, oude krakende en piepende deuren, scheve kasten uit de zeventiger jaren, en de mogelijkheid om precies te horen wat er onder, naast en boven je kamer gebeurt. Douches op de gang in plastic cabines zonder kleedhok maar -na even wachten- wel met snoeiheet water. 

Een ongebruikte barruimte beneden in de kelder waar we onze spullen kunnen achterlaten en een bar op de begane grond vanwaar achter de eigenaar de hele groep aanvankelijk verbaasd en licht achterdochtig bekijkt. Nee, een kamer voor vier in je eentje betrekken betekent dat je de kamer voor vier betaalt, niet maar een kwart. Drinken gaat niet op rekening, graag meteen afrekenen. Wie had ook alweer welke kamer? Het duizelt de eigenaar een beetje, maar als ik in mijn beste frans zeg dat ik natuurlijk kan wachten, geen probleem, het was een mooie dag in de bergen, dan lacht hij weer. 

Tijdens het avondeten vormen zich als vanzelf de splitgroepjes voor de volgende dag. De meesten kennen elkaar van de vorige splitfests. Kaarten en lawineberichten worden erbij gehaald. Het groepje waar ik bijkom, het trotse team Stroopwafel, wil de gletscher op. Ik heb nul ervaring. Ik heb geen klimgordel. Of liever gezegd: die heb ik wel, ergens in een stoffig hoekje van de zolder, maar ik heb die niet meegenomen, want ik ging die grote boze gletscher niet op, toch? 

Gelukkig is een gordel lenen echt geen probleem op een splitfest, en de rest van de groep heeft ervaring met gletschers en koninklijke bergverenigingspapiertjes op zak dus ik ga mee. Het wordt wel een tippel van iets meer dan duizend hoogtemeters. Geen idee of ik dat ga halen, zeg ik, ik heb dat nog nooit gedaan. Ik heb tot nog toe altijd maar tourtjes van maximaal 800 hoogtemeters gedaan, en ik heb geen idee of en hoe ik dat ga volhouden. “Dat heb je wel gedaan?” Word er verbaasd gezegd. “Vandaag was 1000 hoogtemeters hoor!” Wat? oooooh…. daarom was het laatste stuk zo afzien! 

De volgende ochtend starten we bij de parkeerplaats in Arolla. Sommigen gaan het skigebied van Arolla in, anderen zijn naar Evolène gegaan, en de internationale groep, met belgische Dorylus en een Zwitserse snowboardvriendin samen met Aryen de monoskieer en Mark (die een onwijs gaaf lekker snowsurfertje heeft gekregen van Ivar) gaan ons voor naar dezelfde gletscher en stampen alvast een stijgspoor voor ons. We houden contact via de portofoon. Dat vindt team stroopwafel prima. 

Alweer eerst door een ondergesneeuwd bos. We zitten hier lager dan die 2300 meter, maar de sneeuw in het bos voelt nog goed aan. Mmmh.. dat moeten we onthouden.

dan door een beekdalletje en vervolgens de morene op. De zijwanden van de morene zijn steil. We besluiten die een voor een te doen. Ivar en Gina vinden hem tricky, ik vind het te doen. Weer valt me op hoeveel invloed je eigen gevoel heeft op je inschattingen. Ik ben een volger in deze groep, en gedraag me meteen ook meer zo (Niet meer doen, Marije!) Ik zie dat de helling steil is maar er staat al een stijgspoor in en hij lijkt me niet steil genoeg om, als we een voor een gaan, iets los te laten komen. Maar waar baseer ik dat eigenlijk op? Halverwege de traverse bedenk ik me, dat ik dat nergens op baseer. Op hoe de helling eruit zag vanaf het beekdalletje misschien. wat anders is dan nu ik erop sta. Toch ben ik rustig. Ik geloof niet dat dit gaat. Dit in tegenstelling tot een andere keer toen er een (vers) stijgspoor werd gezet door een mulde heen en ik bij de randen van de mulde dacht: Dat is nou precies die plek…

Weet ik nou niets? Kijk ik slecht? Ik laat me in ieder geval teveel beïnvloeden door mijn gevoel, concludeer ik. En het is maar goed dat ik in maart de praktijk lawine twee ga doen want ik moet duidelijk aangescherpt worden. 

Op de morene wordt het stijgspoor smal en ijzig en stenig en helemaal kut om overheen te schuifelen, laat staan om je spitsekehren gracieus op uit te voeren. Maar als de gletscher daar is, gaat het voorspoedig: relatief vlak en gelijkmatig omhoog. Langzaam wel, voor mij, want de hoogte doet zich gelden, maar ik kan gedachteloos doorschuifelen. Het team wat voor ons zat komt grijnzend naar beneden. Die bochten beloven wat! Dat geeft moed. 

Het laatste stuk voor het zadel moet ik mezelf zowat naar boven duwen, maar hoewel super langzaam, haal ik het wel. De wind is snijdend koud, en iedereen bouwt zo snel mogelijk om. De fles champagne die al die duizend en een hoogtemeters mee naar boven is gegaan, blijft in de tas. Het is hier veel te koud, de wind te onbarmhartig. Geen champagnelunch, we moeten het met de compacte windchampagnepoeder doen. 

De beloning zijn dezelfde grijnzende grote bochten, en als aftopper na de gletscher nog een leuk couloir waar de sneeuw door de schaduw goed is gebleven, vervolgens als toetje het bos, waar inderdaad de poeder ook nog zacht is, alhoewel wel mager. Verschillende keren laten de stenen zich horen en het is wijs om zo licht en luchtig mogelijk proberen te boarden om je materiaal te sparen. 

Dat dat voor de hele splitfest groep gold, wordt al snel in de materiaal opslagruimte duidelijk: het is zo ongeveer veranderd in een Ptex rookhol daarbeneden om alle krassen, waaronder een paar echt pijnlijk om te zien, weer op te vullen. De eigenaar van het hotel maakt zich zorgen om zijn vloer. Maar er staan lachrimpeltjes om zijn ogen. 

De zondag is voor iedereen een recovery dag. Sommigen gaan mellow lijntjes rijden, team stroopwafel gaat bij een grote rots aan een touw hangen om de gletscherspleetredding te oefenen, wat het touw uiteindelijk niet zal overleven. Anderen gaan ijsklimmen op de ijswand die achter het hotel is gebouwd. Want er liggen nog wel ijsbijlen en crampons in een auto ergens die geleend mogen worden. Er worden uiltjes geknapt. Foto’s geschoten van wanden waar snode plannetjes voor worden gesmeed. En de champagne vloeit rijkelijk, al vanaf het middaguur. Om met mijn oma te spreken: “Ergens op de wereld is de vijf al in de klok” 

Aan de bar verbergt de zwitserse snowboardster (hardbootster, reuzenslalom, enthousiast tourster) haar hoofd in haar handen. “And they call this a recovery day???” verzucht ze. Kennelijk wilde iemand in haar groep koffie. Dus inplaats van een mellow tourtje ‘alleen naar het zadel’ gingen ze door naar de hut aan de andere kant. Want die had koffie. En dan moet je dus ook weer terug naar het zadel. In de loeiende wind. Over de gletscher. Op je zogenaamde recovery day. En de koffie was ook nog eens niet te zuipen. Tijd voor champagne. 

Plannen voor de maandag worden gesmeed, valt de keus op de gletscher van de Vouasson die in de vallei richting Evoléne uitkomt. De foto’s die door de skieers onder ons zijn gemaakt, vanuit hun die dag ontdekte privé poedervalleitje naast de gesloten lift zijn genomen, zien er indrukwekkend uit. De route uit het Helevetic Backcountry boek gaat zeker te steil zijn. De normaalroute is mogelijk. Maar zie je die wand die erboven hangt? Die ziet er niet lief uit. 

Een hele discussie ontspint zich, waar uiteindelijk de hele tafel aan meedoet. Wie gaat er mee? Wie heeft gletscher ervaring? Hoe delen we dan dus de groep op? Wat doen we als we boven die uitloper staan onderaan de wand en we hem niet willen nemen? Er is nog steeds dat oude sneeuw probleem. Intens word er naar de foto en de kaart gestaard. Er is geen andere uitweg. Dan moet er dus terug gesplit worden tot het zadel, om via de stijgroute af te dalen. Het is een tour van 1500 hoogtemeters. Dat worden er 2000 als je besluit om te draaien. Kunnen we dat aan? Heb je daar dan nog de tijd voor? Doe je dat dan uberhaupt, op dat punt, omdraaien terwijl je weet dat er dan 500 hoogtemeters extra te klimmen zijn? 

 

Na veel heen en weer gepraat vormen zich drie groepjes die het willen proberen. Team stroopwafel is er daar een van, de laatste groep, die de noordafdaling niet zal doen, alleen al vanwege het gebrek aan touwreddingservaring in het groepje dat dan gevormd is. “Als er al zoveel mitsen en maren zijn, is het dan nog een goed plan?” Maar of ik de 1500 hoogtemeters ga halen, dat wil ik wel proberen. 

De volgende ochtend staan we op hetzelfde parkeerplaatsje als in het begin. Na drie dagen touren is de uitrusting inmiddels goed op orde en hangt alles op een juiste plek. De geleende klimgordel met carabiner en prussiktouwtje eraan draag ik als hooggebergte-beginner met trots. Staat zo onwijs lekker ‘bergprofi’ zo’n ding. Daar moet je eigenlijk mee naar de bar. 

Op weg naar boven lijkt het wel lente, zo warm is het. Vellen in je t-shirt! Maar het stijgpad is nog bevroren. En in het bos zijn hele stukken sneeuw al weggesmolten, met alleen stukjes ijs ertussen. Na een mislukte spitzekehre (waarom val je dan gvd toch altijd met je knieschijf precies op die chinese haak op de rand van je board?) probeer ik het met harscheisen. Staat als een huis in de bocht, loopt voor geen meter. Maar weer uit en zonder heelrisers verder voor extra grip. Gelukkig wordt na het bos het spoor zachter en rechter, en van dan af gaat het gedachtenloos, gestaag omhoog. 

Ik loop de 1500 hoogtemeters makkelijker uit dan de tweede keer de duizend. Langzaam weer, zes uur in totaal doe ik erover inclusief twee pauzes. Maar ik ben niet totaal op, zoals de tweede dag. Ik zou misschien de kracht ook nog hebben voor die andere 500, maar het is veel te laat voor dat avontuur. De andere groepjes doen de route wel, wij slashen ons door de poeder die daar in de schaduw van de Pointe de Darbonneire nog goed geconserveerd is naar beneden. Het is al flink verspoord maar elke poederbocht is er een, en word gevierd. De smeltkorst nemen we erbij. 

Die avond is het tijd voor het echte champagne feest, na het eten in de Ptex bar worden de goodies verdeeld aan hen die voorgedragen worden vanwege het voorklimmen van de ijswand, of het doen verbleken van de rotsen met hun scheldpartijen maar toch doorzetten, voor de ondersteuning, voor de diepste kras en voor de grootste smile. De officiele splitfest Tshirts worden uitgedeeld, de flessen ontkurkt, het plafond met champagne besproeid, en stoere verhalen verteld. Ik taaide als oudere dame al snel af, maar het schijnt een epische bedoening geweest te zijn in die bar, en er is in de late uurtjes nog Swahili geleerd. 

De volgende morgen dwaalt iedereen brak rond. Het ontbijt duurt dubbel zo lang als anders. Auto’s worden volgestopt met materiaal. De eigenaar van het hotel bedankt Ivar hartelijk. Hij vond het een hartstikke leuke groep. Hij heeft ons graag weer. Een paar dapperen gaan nog voor de laatste keer de berg op, Mark te voet met zijn nieuwe supervette snowsurfer (Hoe deed-ie het??) Anderen gaan alvast rijden, om in ieder geval morgen minder brak op het werk te verschijnen. Ivar gaat uitrusten, en later op de dag naar het guided Splitfest. Met een omweg om meer champagne te halen. Die hebben wij namelijk helemaal opgedronken.

Tekst: Marije


2017 Splitfest II


Na de mooie verslagen van het Splitfest in Arolla waag ik een poging om Splitfest II in beeld te brengen.

Dit jaar was het Splitfest in tweeën geknipt, een weekend in Arolla en een weekend met gids (Daniel Tomaschek) in Osttirol. Na mijn goede ervaringen met Daniel vorig jaar koos ik voor de tweede optie. De Lienzer Dolomieten, het klonk spookjesachtig. 

Wie de weerberichten dit seizoen heeft gevolgd weet dat het spannend werd. In Osttirol bleef het droog. Krap een week voor aanvang kwam Daniel met een alternatief: de Heildelberger Hütte in het Silvretta gebergte. Verzamelen in Ischgl! Niet echt de plaats die bovenaan m’n bucketlist stond.

Woensdag 15 februari rond half vier uur rij ik de parkeerplaats naast hotel Ischgl op. Dennis en Ivar zijn er al. Daniel lopen we tegen het lijf bij de skipasverkoop. Wanneer Olivier en Rutger arriveren is de groep compleet. Vanaf Ischgl is het ruim 4 uur lopen naar de hütte. Maar Daniel heeft een lift geregeld met de Silvretta Express. Een soort pistenbully met aanhangwagen. Zo verlaten we Ischgl in stijl.

 

De hütte was helemaal vol geboekt. Wij zijn verbannen naar de kelder, alleen buitenom te bereiken. Het blijkt een gouden deal. We hebben onze eigen kamer. Weliswaar met standaard stapelbed maar ook een ruime eethoek, stromend water en een stoof met voorraad hout. Die wordt goed opgestookt. Ik slaap boven en heb geen dekens meer nodig. 

Voor het diner schuiven we aan in de hütte. Ons gezelschap, dat elke avond met jassen aan binnenkomt alsof we verderop verblijven, doet bij andere gasten de wenkbrauwen fronzen. Het eten is goed en de serveersters kennen al snel onze vaste drankjes. Om ons heen wordt gekaart en gedobbeld maar om 22 uur is het hütteruhe. Wij stappen op, de kou in, naar ons eigen ‘verblijf’. Daar kunnen we zonder problemen de champagne ontkurken.

Donderdag

De eerste dag wordt er nog niet gesplit. Om in te komen zijn we gaan freeriden in het skigebied van Samnaun. Voor mij een kans om m’n Korua Apollo eens te testen. Wat een heerlijk board is dat. Ontzettend stabiel op hoge snelheden en glijden dat ie doet! Met een grijns haal ik prikkende skiërs in op de vlakke dalafdaling nr. 80. “Was? Ein Snowboarder, schneller? Das ist unmöglich!”

We vinden nog enkele onverspoorde hellingen. Daar komt de Apollo pas echt tot z’n recht. Meer, meer, meer. Kan iemand dat regelen?

Tijdens het doorkruisen van het skigebied worden de opties voor de volgende dag besproken. First chair Gampenbahn, stukje piste, hiken richting Piz Val Matruga, afdalen, omhoog splitten, sleeplift, splitten, afdalen etc. Dat klinkt veelbelovend. Als het weer maar meezit.

Vrijdag

Zoals voorspeld was het gaan sneeuwen. Toch op pad naar de Gampenbahn. Het plan wordt omgegooid. We doen ’s ochtend het tweede deel van de tour want ’s middags zou het nog slechter worden. Aangekomen bij het startpunt besluiten we dat het een no-go is. Het is een totale white-out. Daar gaan we geen lol aan beleven. Plan C is via de Piz Val Gronda terug naar de hut en daar een stukje splitten. Maar ook vanaf de Piz Val Gronda zullen we in een white-out terechtkomen. Rutger komt daarom met plan D: vanaf de Gampenbahn naar de hut splitten. Rutger en Olivier splitten voor het eerst en dit is een goede en niet al te moeilijke oefening. Oké, maar dan wel eerst pizza. 

Na twee uur lopen in een sneeuwstorm, gelukkig wind mee, komt de hütte in zicht.

 

Zaterdag

Vandaag moet het dan gebeuren. Er is minstens 20 cm sneeuw gevallen en de zon komt er al weer door. Droomcondities. De vallei achter de hütte kent talloze tourmogelijkheden. Ook rekening houdend met de beperkingen in het lawinebericht valt hier genoeg te halen. Voor vandaag hebben we een tour gepland naar de Lareinfernerspitze. Onderweg oefenen we nog even met spitzekehren en een telemarkafdaling.

 

Eenmaal op de col gaat Ivar nog een stukje verder naar de top terwijl wij van het uitzicht willen genieten. Maar uit m’n ooghoek zie ik een groep skiërs naar beneden komen. Oh nee, we hebben niet dat hele stuk gelopen om in een omgeploegd veld te belanden. Snel ombouwen. We zijn beginners en niet snel genoeg. Waar wij een defensieve rijstijl afgesproken hebben ivm het lawinegevaar dendert deze groep met z’n allen tegelijk de helling in. Gelukkig volgen de tourskiërs exact elkaars spoor zodat er toch nog voldoende ruimte overblijft voor onze eigen lijnen. Later halen we hen in terwijl zij op een totaal onbegrijpelijke plek midden op de afdaling pauze houden.

 

Beneden geven we elkaar smilend high fives en bewonderen we onze sporen. De titel voor het synchroon boarden is binnen. 

’s Middags doen we nog een klein tourtje waarbij we goed merken wat de invloed van de zon is geweest op het sneeuwdek. Een voor een traverseren we over een 35+ helling met korst en uiteindelijk komen we bij een veld met een noordoost expositie. Daar is de sneeuw weer heerlijk.

Ivar, die eigenlijk maar een nachtje aan zou schuiven, vindt het mooi geweest en begint aan z’n priktocht het pad af naar Ischgl. 

Zondag

Voor zondag is het aan ons om een tour te plannen. Daniel is dan wel onze gids maar zo voelt het niet. Hij is gewoon een van de groep. Gebogen over de kaart met het mieterse liniaaltje gaan we op zoek naar een noordhelling <35 graden. Die vinden we in een kom naast de Piz Mottana. Er zijn meerdere mogelijkheden om naar boven te lopen. Daniel hint dat de tour langs de beek mooier is. Hij heeft gelijk, vooral omdat we zo lekker in het zonnetje lopen. 

Halverwege de klim graven we een sneeuwprofiel. De diverse (zwakke) lagen zijn goed zichtbaar. 

De afdaling vliegt zoals gewoonlijk voorbij. Wat hadden we op de heenweg nou ook alweer allemaal gezien? De bovenste kom is subliem. Perfecte sneeuw, niet te steil en lekker breed. Heerlijk surfend naar beneden. Lager passeren we wat opgevroren sneeuw en verwaaide plekken maar op de schaduwkanten was de sneeuw nog lekker los.

Als afsluiter splitten we nog een klein stukje omhoog om een windlip te springen. De afloop daarvan staat in dit topic http://wepowder.nl/forum/topic/239701 daar zal ik verder geen woorden meer aan vuil maken 😉

De laatste hindernis van het weekend is de dalafdaling naar Ischgl. Eerst het lange pad af maar daar heb ik met de Apollo weinig moeite mee. Vanaf de samenkomst met piste 37 en later piste 1 wordt het een drama. Zoveel mensen! Verkleed als konijn, een badeend, een opblaaspaard… Wat is dit? Waarom? 

Pas terug in de bewoonde wereld besef je hoe mooi dat splitboarden is. Het is meer dan die lekkere afdaling. Al is die afdaling op één plank wel het gaafste dat er is. 

Daniel, Ivar, Dennis, Olivier en Rutger bedankt. Tot de volgende keer.


2017 Splitfest afterparty


Als kers op de taart konden deelnemers aan het flatland splitfest dit jaar een paar dagen splitboarden onder leiding van @Erwin winnen, door een highscore neer te zetten in de snowboardgame Alto’s adventure. 

Wat psychologische oorlogsvoering op de chat en pijnlijke vingers later waren @willemien_w, @FlorisAanstoot, @Poedertijn, @Dorylus en ik de gelukkige winnaars. Waarbij @Dorylus zijn plek afstond aan @ieism, aangezien hij zelf andere verplichtingen had.

Willemien en ik treffen Floris en Erwin voor de hike naar het Niedersachsen haus, waar we de eerste nacht in het winterraum zullen doorbrengen. Martijn en Ivar zullen de volgende ochtend aansluiten.

De klim is mooi, maar _erg_ warm. We stijgen deels over kale rotsen en het is duidelijk dat het voorjaar in de lucht zit. Op het graatje naar de hut maken we nog wat spannende foto’s voor de mensen thuis en eenmaal aangekomen trakteren we onszelf op de daar voorradige biertjes. 

 

 

 

In de nacht blijkt er zowaar wat verse sneeuw te vallen, wat de afdaling de volgende ochtend een stuk aantrekkelijker maakt dan we omhooglopend durfde hopen. We treffen Ivar en Martijn en klimmen met zijn alleen naar het Schutzhaus Neubau, waar we de komende nachten zullen verblijven. 

De beheerders hebben de hut speciaal voor ons open gehouden, dus we hebben de plek voor onszelf. Super vriendelijke mensen, die trouwens ook heerlijke dennenappel schnaps schenken…

Het weer blijft erg wisselend, van zonnig tot ‘laten we dan maar een sneeuwprofiel graven’ wegens slecht zicht, sneeuwval en wind. Omdat niemand veel zin heeft in een white out over de gletsjer te struinen laten we de geplande tocht naar de Hohe Sonnblick voor een andere keer. Maar we kunnen gelukkig nog een paar andere mooie afdalingen maken.

Al met al een mooie trip met een toffe gids en een fijne groep. Mocht dit de laatste trip van het seizoen blijken was het een mooie. 😃


2016


Onze hobby, het buitenspelen en afdalen door sneeuw, heb ik vaker als een diamant gezien. Net als een diamant kan je er verschillende mooie kanten in zien. Beeldschone en glitterende kanten. Maar sommige modderig of zelfs een keer bloederig als het een keer tegen zit. Nu kijk ik er een keer van een afstand naar en zie ik het zelfde. En ongepolijst zie ik er ook andere schoonheden in terug. Bijvoorbeeld door over de schouders mee te kijken naar wat andere deelnemers van het splitfest uitspoken. Als je van een afstandje kijkt, zie je dezelfde dingen terug in een grotere verzameling ongepolijste diamanten waar de aarde nog aan kleeft. Dat was het splitfest voor mij: Een mooie verzameling van eigen tochtjes, klimmetjes, planken en ideetjes die samen worden opgezet en uitgevoerd.

Een buslading enthousiaste en nieuwsgierige Nederlanders en Belgen reist door het holst van de nacht richting het top-secret Zwitserse Kurhaus dat ergens diep inneralpien verstopt ligt. In een bus. Over een Autobahn. En gemiddeld genomen met de bedoeling wat eigen diamantjes op te graven door met eigen benen hard te werken. Twee bussen, een met champagne-afgetopte pickup en één stevig Kurhausontbijt later kan het mijnwerken beginnen. En wel met bluebird-condities in het locale skigebiedje om de hoek.

 

Na een eerste dag mijnwerken op zoek naar eigen diamantjes in de vorm van een mooie welverdiende bocht wordt er 's avonds in de champagne-lounge terug gekeken op een paar uitzonderlijk mooie exemplaren. Bijvoorbeeld de 'backside'-afdaling die een flink stuk bushwacken met hoofdlamp, ijzige bospaadjes en tot drie hangbruggen later weer terug kwam bij het Kurhaus waar de soep al met Zwitserse precisie klaarstond. Ook werden later die avond in een goed gevulde champagne-lounge de eerste wisseltrofeeën van de dag uitgereikt. Onder andere @sportgillie ging er vandoor met een mooie muts omdat hij de 'beste-bochten-baas'-award in de wacht wist te slepen met een uitzonderlijk mooi diamantje van een bocht.

De tweede dag werd gekenmerkt door nog meer gesplit en gevel. @thomas en de Kurhaus-extraordinaire-crew verzorgden een busrit richting een onontdekt Italiaans tour-pareltje om de hoek. Daar vandaan liep een deel van de groepen naar een piek of stuk van de graat op de feitelijke grens om af te dalen door nog wat lekkere, verstopte en goed bewaarde poederveldjes.

Ondertussen werd boven en achter het eigenlijke skigebiedje ook nog werk verzet: 'De organisatie' liep zelfs op bijna vlakke stukken tegen 'whoomph!'-geluiden aan koos voor een veilige terugweg over kaalgeblazen graten en richels. Ook de gidsen hadden het met dit sneeuwdek niet voor het oprapen liggen. De omstandigheden (lees het sneeuwdek) waren nou eenmaal niet makkelijk. Toch zijn er ook deze dag weer een paar pareltjes van bochten gedraaid. En in het crisis-/commando-/ehbbo/apres ski-centrum van het skigebiedje werden de eerste 'bombardino's' gedronken terwijl lawinehond Duffel er op uit was met een van de meer ervaren splitgroepjes:

 

En onderaan de streep heb je dan een spannend dagje 'mijnwerken' in een geweldige omgeving en weer wat mooie bochten te bespreken voor aanvang van de film in de champagne-lounge, later die avond. Ondertussen kijken de gidsen vooruit naar dat warmtefront dat later die middag binnen was komen zetten. Wat zou dat morgen betekenen?

Een volle bus op een regenachtige weg richting de Arlberg. Enthousiasme over 60 cm verse sneeuw. De thuisgekluste snowsurfers konden eens goed worden uitgelaten en zelfs de lifties waren er bij voorbaat enthousiast over. Tegen de tijd dat noodzaak van een lunch doordrong kon er worden teruggekeken op kniedieppe sneeuw, faceshots en een ochtend lang heerlijk doorblazen op en naast pistes. Echt lekkere poeder gepakt. En dat levert allerlei grote en kleine diamantjes op waar natuurlijk weer een paar mooie wisseltrofeeën aan verbonden waren. Dat betekende dat warmtefront een dag later.

Maar het werd later op de dag nog warmer en de sneeuw werd zwaarder. De dag er op was het meer dan vijf graden positief en was echt vel-werk buiten de piste een linke bedoeling. Er werden dan ook twee nieuwe keuzes gemaakt: De tele-groep zocht (en vond) diamant-polijstende training in een ander inneralpiene skigebied om de hoek bij het Kurhaus terwijl er verder een flinke groep op pad ging om het onbekende zijdalletje waar Heidi's opa woonde verder te verkennen. Dat tijdelijke gebrek aan veilige sneeuwcondities naast de piste kon door de organisatie gelukkig rechtgebreid worden met een heerlijke champagne-luch, een lekker stukje bushwacken en een kop verse thee waar de opa van Heidi z'n aggregaat wel even voor aan wilde slingeren na een flinke groep steenbokken te hebben aangewezen. En dat alles op een soundtrack van gazex en natte-sneeuw lawines.

Ondertussen toonde @JaWe en de boys aan (zie video hieronder) dat er eigenlijk geen downdays bestaan en werden er weer nieuwe plannen gesmeed voor het laatste dagje bochten verdienen. Terugkijkend op die vijf dagen denk ik niet aan een lang weekend buiten dagelijkse bezigheden om. Ik denk aan mooie diamantjes die op werden gegraven en bochten, sprays of wisseltrofeeën die werden verdiend. En als je me er nog eens naar vraagt, was het splitfest niets minder dan een goedlopend internationaal diamant-mijnbouw-bedrijf.


2015


DAG 1: “Dit is waanzin”

Vanaf de de eerste meter is dit de gedachte die door mij heen gaat. Eigenlijk nog eerder. Al bij het uitladen van de bus is de eerste mentale reactie “Als we nu alles terug de bus in flikkeren, kunnen we nog net first chair in Airolo halen”. 

Hoe heeft het zo ver kunnen komen dat er nu 23 splitboarders als kwispelende jonge hondjes op mij staan te wachten om omhoog te vellen, terwijl ik zelf sterk mijn twijfels heb over de haalbaarheid van deze missie. Overmoed, maar vooral dat eeuwige optimisme speelt mij parten. King of split my arse, dit is waanzin. 

Want dit jaar moest het Splitfest natuurlijk net weer een beetje anders en beter dan vorig jaar. De locatie had ik vorig jaar al in het achterhoofd. Toen ik op het Freeride Filmfestival iemand van the North Face sprak die wel een expeditie Dome wilde regelen hoefde ik daar niet lang over na te denken. Ik zag in mijn hoofd een beeld van een tentenkamp in een supermooie vallei. Met vrienden en champagne. We hadden ook al een paar biertjes op, dus de praktische uitvoering van dit plan leek ons op dat moment geen enkel probleem.

Fast forward naar een aantal maanden later. Bijna alles is geregeld, de locatie hebben we al een paar keer bezocht en als de condities meewerken moet het allemaal mogelijk zijn. Als. Want de laatste keer dat we de Maighelshutte probeerden te bereiken was het weer zo slecht dat we van de directe omgeving niets hebben gezien. Complete whiteout en storm, de huttenwaard was verbaasd dat we toch nog waren gekomen voor een kopje thee en om de hut te bespreken. Na een half uur weer door de storm terug, waanzin. Het was niet de laatste verbazing voor de huttenwaard, zo bleek later. 

UP!

In de trein naar boven is de stemming opperbest, overal grijnzende mensen. Om deze enorme groep laaglanders die met een nog grotere hoeveelheid spullen in het kleine treintje zit. Alsof we de alpen over gaan steken. Boven op de Oberalppass bouwen we om naar tourmodus, en zet ik de sleeen in elkaar.

Het is vrijdagochtend tien uur. We vertrekken. Onwennig met zoveel spullen, en voor veel mensen ook nog eens de eerste meters op een splitboard. Ik zie mensen met een 65 liter rugzak, ik heb zelf alles (niets) in een 18 liter airbag gepropt.

Het gaat niet snel, maar het gaat vooruit en het weer is perfect. 

Zolang we de weg volgen gaat het prima. Bij het eerste stukje dat we een beetje moeten traverseren staan we meteen te klooien. Er staat één man voor de slee, een man erachter aan touwen. Maar het ding hangt aan strakke touwen een paar meter lager, het spoor volgen is totaal onmogelijk. Ik loop op mijn snowboard schoenen naast de slee om hem in het spoor te duwen, en ga kapot. Ik kijk naar de jongens die de slee trekken, de sterkste van de groep zo'n beetje, ze lachen al een stuk minder dan net. We zijn nu 300 meter van het station vandaan. Hemelsbreed, geen hoogtemeters. Waanzin. 

Aan de overzijde van de beek gaat het omhoog. In mijn gedachten was de hele route min of meer vlak. Met een slee van 30 kilo lijkt iedere helling onmogelijk, of bijna onmogelijk. Maar na een uur klooien gebeurt er iets wonderlijks. Er verschijnen steeds meer mensen bij de sledes, en met wat extra touw en heel veel teamwork begint er langzaam beweging in te komen. Meter voor meter gaat het omhoog, echt letterlijk. 

Vier man lopen er nu voor de sleeen, maar we worden er langzaam beter in. Dat moet ook wel want nog nooit heeft iemand zo lang over 500 hoogtemeters gedaan. Ik twijfel nu niet meer, niemand meer. Gewoon doorlopen. Als één van de deelnemers niet verder kan omdat zijn hernia te veel pijn doet, bieden mensen aan zijn loodzware rugtas er nog bij te nemen. Het is geen optie, want hij heeft echt te veel pijn, maar het geeft wel aan met wat voor soort groep we onderweg zijn. 

We lopen uren heel traag, maar ik kijk niet meer op mijn klokje of hoogtemeter. Okee waanzin, maar gewoon doorlopen is het enige dat we kunnen. Ik zie mensen aan de slee trekken die er al vanaf de pas aan staan. Ze moeten wel een beetje stuk zijn, maar opgeven doen ze niet. Dan is daar opeens de hut, snel naar binnen! We drinken wat en ik klets even met de huttenwaard. Ze heeft vanaf de pas naar ons zitten kijken, onzettend gelachen, en is ons daarna snel voorbij gegaan via de traverse over de Pazola. Ze denkt dat we gek zijn, en waarschijnlijk heeft ze gelijk.

Maar veel tijd om uit te rusten is er niet, want er is eigenlijk maar plek voor 10 man in de hut dus er moet een kamp gebouwd worden voor 14 man buiten. Dus we zoeken een mooie plek en beginnen. Ik begin met de igloo, want daar staat 5 uur voor en dat gaan we nooit halen. De sneeuw is losse poeder, leuk om te rijden maar om iglo's te bouwen niet echt handig. Na een paar uur staat er alleen nog maar een cirkel blokken, gelukkig staan er wel 2 tenten en de grote dome tent en kunnen we gaan eten. Het eten is top, de sfeer is uitstekend en s'avonds gaan er meteen 5 flessen champagne doorheen. Ik kruip mijn bed in, maar slaap niet. Te onrustig, en ik weet dat laat in de avond nog een groepje van vier de route naar de hut loopt. In het donker, en twee ervan hebben nog nooit op een splitboard gestaan. Ik weet dat het goed komt, de route is niet te missen en er zijn ervaren mensen bij, maar het duurt me toch te lang en ik blijf wakker liggen. Tien keer bereken ik hoe lang ze er over moeten doen, en bij de elfde keer hoor ik ze. Als ze de winterraum in komen kan ik mijn lachen niet inhouden. Ze hebben 3,5 uur door het donker gelopen, en zo zien ze er ook uit. Waanzin voor je eerste trip. Nog maar een fles champagne dan. 

Dag 2

Wakker worden, tandpasta stelen en dan maar eens kijken of iedereen de nacht buiten overleefd heeft. Eén voor één druppelen de winterkampeerders binnen in de droogruimte van de hut. De meeste met een glimlach, een enkeling toch wel behoorlijk brak en rillend van de kou. Maar het hoort er allemaal bij, en bij het ontbijt is iedereen in beste stemming want het gaat een mooie dag worden. Gisteravond zaten ze al lekker plannen te maken met de kaarten erbij, en voor dat ik mijn koffie op heb zijn de eerste groepjes al op pad. Stoked.

Ik ga met Telle-G en een man of 8 op de flank tegen de Badus omhoog, we verdelen de poeder en maken twee groepen. Skintrack is perfect, weer is perfect en het gaat vlot omhoog. Bijna de hele groep is voor het eerst mee, maar het gaat prima. Het doel was een klein colletje naast de top. Ik wacht even op de groep en loop een klein stukje wat steiler omhoog om te verzamelen op een safespot onder de laatste wand. Die gaat steil omhoog, tot over de 40 graden. De sneeuw is hier anders, opeens gebonden en ik zie rijp in de schaduwhangen. Jammer, maar deze moeten we voor een andere keer bewaren. Live to ride another day. We bouwen om en maken ons klaar voor de afdaling. Aan de overkant van de kom zien we het andere groepje doorlopen naar de top in de zon. Helemaal aan de andere kant van het dal op de flank tegenover ons zien we een paar kleine stipjes naar beneden boarden. Mooi om te zien dit. 

 

De afdaling is gewoon top, daar hoef ik niet moeilijk over te doen. Iedereen blij, ik loop terug naar de hut. 

Ik wil nog wel een keer maar ga de rest van de dag de iglo afmaken. Hier en daar gaan nog groepjes een aantal maal naar boven, er staan nu al lekker veel sporen overal. Onze sporen. Ik bouw lekker door, terwijl er steeds meer mensen bierdrinkend een kijkje komen nemen.

Het tempo zit er nu goed in, en vlak voor het eten zijn we bijna bij het dak aangekomen. Eten in de hut, lekker! En daarna met z'n allen nog even in het donker de laatste blokken, en de iglo is klaar! Champagne open, met je vrienden in de iglo proosten op de nacht. Ik ben niet zo'n kampeerder, maar ik besluit toch maar in de iglo te gaan slapen. Het is niet koud, de hele nacht blijft het min twee terwijl het buiten veel kouder is.

Dag 3

In de ochtend kruip ik in mijn thermo door de tunnel naar buiten, slecht idee. Buiten staat een keiharde wind en is het ijzig koud. Hier merk je binnen in de iglo niets van, je hoort ook helemaal niets. Kleren aan en naar de hut om te ontbijten. Tijdens het ontbijt staan er al weer een aantal te springen om buiten te spelen, hoewel het weer steeds slechter lijkt te worden. De “pijn=fijn” groep is al onderweg als ik mijn koffie inschenk, en even later sta ik ook buiten me af te vragen wat we moeten doen. We besluiten een stuk naar beneden te lopen in de hoop dat het iets beter gaat worden en we de Rossboden kunnen doen. Hoe langer we buiten zijn hoe harder de wind. Na nog geen 10 minuten besluit ik om te keren en terug te lopen. Het zicht is bijna nul en van afdalen kan geen sprake zijn. Ons hele groepje gaat terug naar de hut. 

 

Bij de hut aangekomen blijkt door de storm de grote Dome tent losgekomen te zijn. De hele tent, die zo'n twee meter hoog is en dus best wat wind pakt, is opgestegen en in het achterliggende dal terecht gekomen. We kunnen hem nog net zien liggen, maar het is een behoorlijk eind naar beneden en steil. Na wat overleg met de hut en nadenken besluiten we een groep van 5 naar beneden te laten gaan om te gaan kijken. De condities zijn heel slecht. Veel wind, geen zicht en de dome ligt ook nog eens best ver in een dal met aan weerszijden hele stijle wanden. Ik heb er een hard hoofd in, maar het is het proberen waard.

Ik blijf zelf bij de hut, om te wachten op de andere groep die ik eigenlijk ook al terug verwacht had. Een beetje bezorgd, maar er zijn ervaren mensen bij dus het moet goed komen. Ik krijg een berichtje van Thomas dat hij veilig in Tschamut is , maar wel de scheuren in het sneeuwdek trapte. Voorzichtig jongens.. 

Na wat heel lang wachten lijkt hebben we radio contact met groep “pijn=fijn”. Ze blijken niet vlak bij de hut zoals we dachten, maar helemaal zuid over vlak terrein richting gletscher gegaan te zijn. Met storm en whiteout uren lopen omdat je geen zin hebt om bij de hut te niksen, dat idee. Onderweg hebben ze nog een sneeuwhol gegraven om even relaxed te lunchen, de tourders die voorbij kwamen keken wel een beetje gek. Rare jongens die splitboarders. Maar uiteindelijk komen ze met ijspegels op hun gezicht maar wel lachend gewoon weer bij de hut aan.

Wat later staat ook de groep die bij de tent ging kijken weer boven. Ook zij zagen scheuren in de sneeuw al bij het lopen, veel te gevaarlijk om verder het dal in te lopen onder die steile wanden. Een tent is geen mensenleven waard. 

Down day, maar de groep blijft positief. Overleg met de hut, we besluiten een aantal plaatsen in de hut bij te boeken. Die tent die halen we volgende week wel een keer op, spreek ik met Bruno de huttenwaard af. We breken twee tenten vast af, de iglo staat als een huis. Emmer weigert in de hut te slapen, en gaat naar buiten met zijn schep om een sneeuwhol te graven.

Eten is weer fantastisch, de mensen die deze hut bemannen zijn zo verschrikkelijk aardig en enthousiast. We zijn vast niet de makkelijkste groep, maar ze vinden het allemaal wel heel grappig. Ondertussen loopt de crew van de hut in Splitfest t-shirts rond die ze van de deelnemers gekregen hebben. 

De laatste nacht lig ik in het winterraum, veel gesnurk en weinig slapen. Lag ik maar in de iglo.. Nu liggen er 4 in de iglo, 3 in een sneeuwhol en drie in de laatste tent. 

Dag 4

S'ochtends breken we ons kamp op en proberen we alle spullen bij iedereen op de rug te binden. Afscheid nemen van de mensen van de hut, en dan kan de tocht naar beneden beginnen. Als een lange sliert lopen ze allemaal weer het pad af. Ik loop er als bezemwagen achteraan om gestrande deelnemers met materiaalpech of andere problemen te helpen. Hier en daar valt iemand in een beekdal of gaat het skieen toch niet zo soepel. Maar de route naar beneden is makkelijk en we zijn vlot bij het treinstation. En dan sta je opeens weer op de parkeerplaats in Andermatt. Het lijkt wel meer dan een week geleden, maar het was maar een paar dagen. Afscheid praatje, de meesten van jullie zie ik dit seizoen nog wel een keer dus dat valt wel mee.

De afterparty

Mailen met de hut wanneer ik zal komen om de tent te bergen, of wat er nog van over is. Pia van de hut stuurt een week later een berichtje dat ze de tent al uit het dal hebben gehaald. De fles jaigemaister die er in lag heeft de vlucht overleefd! Bruno en Marc zijn naar beneden gegaan toen het sneeuwdek wat stabieler was, en hebben alles bij elkaar gezocht wat ze konden vinden. Daarna hebben ze het op een zeiltje gegooid en het aan touwen de berg weer op getrokken. Ik voel me schuldig dat ik het zelf niet heb kunnen doen, maar ze verzekeren me dat het geen probleem was. “Het was toch mooi weer, en we waren binnen drie uur boven.” Mooie mentaliteit deze mensen, dat zie je niet veel meer. 

Het weekend daarop heb ik eindelijk tijd om terug naar de hut te gaan. Ik krijg Thomas zover met mij mee te lopen. Het plan is s'nachts met de trein, overdag naar de hut splitten, en de nacht erop weer terug om maandag te kunnen werken. Voor de crew van de hut heb ik een verrassing mee, het North Face setje dat eigenlijk voor één van de deelnemers bedoeld was als hoofdprijs geef ik aan Marc en Bruno. Verdiend.

Weer afscheid bij de hut, en beloofd dat we in de lente een keer komen met mountainbike. 

Beneden pakken we alle spullen in, de tent is nat en zwaar. Behalve de buitentent die verdwenen is lijkt de schade mee te vallen. Bruno komt nog even langs, en helpt ons met zijn 4x4 de spullen naar het station te brengen. Ik neem afscheid van Thomas, die neemt de trein de andere kant op. 

Bij Andermatt bind ik de tent en al mijn gear op een meegebracht ikea karretje, en heb ik nog een uur over om bier te drinken.

 

Apres weetikveel. Met een aantal keer overstappen en een loodzware tent steeds trap op en af sjouwen kom ik uiteindelijk toch tamelijk brak thuis, maar hiermee is het Splitfest wel eindelijk echt afgelopen. En dat is fijn, want dan kunnen we weer beginnen met plannetjes maken voor volgend jaar! 

Zonder hulp van alle echte coole mensen geen Flatland Splitfest! In het bijzonder wil ik bedanken Gina, Mark, Willem, Thomas en Jos. Alle sponsors en partners en de crew van de Maighelshutte.


2014


 

Soms moet het een beetje meezitten, en dit was zo’n weekend waarin alles op z’n plek viel. Een week voor het Splitfest zaten we naar de weerkaarten te loeren, en kwam er een front vanuit het zuiden dat serieuze sneeuw dumpte ten zuiden van de hoofdkam. Niet slecht. Ik zat al in de Alpen, maar een definitieve locatie voor het Splitfest had ik nog niet besloten. In de auto gestapt en half Zwitserland door naar het afgelegen dal van Avers/Juf. Wat een verkenningsmissie zou worden om het tourgebied te bekijken, werd één van de meest intense poederdagen die ik ooit had. In mijn eentje, en met een enkele sleeplift, heb ik de hele dag run na run de hele berg af moeten krassen. Allemaal voor jullie!

Met de condities zat het dus wel goed, en na nog wat accommodatie en terrein verkennen was het een GO.Avers is zo’n dal in de Alpen waar op een poederdag nog steeds niemand komt, een dal waar niets overbodigs te vinden is en de omgeving nog niet verpest door te veel bebouwing. Tel hier diepe sneeuw bij op, en je hebt een perfecte locatie voor het Splitfest. Mellow terrein voor de eerste dag Splitboarden. We wennen wat aan de gear, oefenen met piepers en houden een contest terwijl er nog meer sneeuw valt. 

De volgende dag is de weersvoorspelling minder, maar het terrein is overzichtelijk en we maken er een mooie tourdag van op de flank achter ons huis. De dag daarop is het zicht nog minder, en we besluiten uit te wijken naar San Bernardino waar de kans op bewolking veel kleiner is door de nog zuidelijkere ligging. De liften zijn hier inmiddels al een aantal jaar gesloten, maar de condities zijn perfect. Zo diep is het hier zelden, en de runs door de bossen zijn memorabel. Diepe poeder, maar vooral een hele coole groep mensen maakten dit een bijzonder weekend. Thanks!


2013


DISCLAIMER:

Splitboarden en touren is gevaarlijk! Buiten de gemarkeerde skipistes is er meer kans op verwondingen en ongelukken, en minder reddingsmogelijkheden en medische hulp. Deelnemers worden geacht zich zelf adequaat voor te bereiden en zijn zelf verantwoordelijk voor hun eigen gedrag, routekeuze en de risico's die dit met zich mee brengt.